Hebben BVOD- en audio-streamingplatformen werkelijk de capaciteit om het bereik van uw campagnes verder te trekken dan de traditionele media? VIA analyseerde de gegevens uit de meest recente CIM-studies om die vraag met precisie te beantwoorden. De conclusies zijn duidelijk: voor video is het potentieel significant; voor audio is enige nuance op zijn plaats.
Video: BVOD als waardevolle aanvulling
Lineaire televisie blijft de onmisbare basis van elke videostrategie. Maar de BVOD-platformen — VTM Go, VRT Max, GoPlay, Auvio en RTLplay — kopiëren het tv-publiek niet zomaar: ze breiden het op een concrete en meetbare manier uit.
In het Noorden van het land bereikt een mediaplan van 330 GRP dat lineaire tv (80% van het budget) combineert met BVOD (20%) een totaal reach van 63%, waarvan 11 procentpunten uitsluitend worden bijgedragen door de BVOD-platformen. Anders gezegd: meer dan één op de tien bereikte personen zou zonder de digitale component simpelweg niet bereikt worden.
In het Zuiden is de vaststelling even bemoedigend. Met een verdeling van 85/15 in het voordeel van lineaire tv bedraagt het totale reach 59%, waarvan 7 punten incremental reach worden gegenereerd door BVOD. En goed nieuws: dat cijfer is gestegen ten opzichte van dezelfde analyse in 2024, een teken dat het gebruik van uitgesteld kijken in dit deel van het land geleidelijk aan toeneemt.

Deze resultaten bevestigen de meerwaarde van een multischerm-aanpak: BVOD-platformen integreren in een videoplan, zelfs met een beperkt aandeel van het budget, maakt het mogelijk bijkomende doelgroepen te bereiken die tv alleen niet dekt.
Audio: radio blijft het bereikmedium bij uitstek
De analyse van de audiogegevens levert een even waardevolle les op, zij het van een andere aard. Op weekbasis bedraagt het totale reach — radio en streaming samen — 88% in het Noorden en 82% in het Zuiden voor de doelgroep 18-54 jaar.
Als we de bijdrage van de gratis streamingplatformen aan dat globale reach isoleren, spreken de cijfers voor zich: in het Noorden leveren ze slechts 6% incremental reach op ten opzichte van de traditionele radio; in het Zuiden loopt dat cijfer licht op tot 9%. In beide gevallen blijft het exclusieve bereik van radio ruim dominant.

Dit resultaat doet geen afbreuk aan de waarde van audiostreaming, maar het nuanceert het beeld: voor een adverteerder wiens doel het is de dekking te maximaliseren, blijft radio de krachtigste hefboom. Gratis streamingplatformen leveren vooralsnog slechts een marginale bijdrage in termen van incrementeel bereik.
Methodologie
Video: analyse uitgevoerd op basis van de CIM ToVA Media Planner-studie, doelgroep 18-54 jaar, november 2025. De gesimuleerde plannen zijn gebaseerd op 330 GRP, met een budgetverdeling van 80% lineaire tv / 20% BVOD in het Noorden, en 85% lineaire tv / 15% BVOD in het Zuiden.
Audio: analyse gebaseerd op de CIM Audio Time 2025-studie, aangevuld met de CIM RAM 2025-gegevens (nationaal, 18-54 jaar, maandag–zondag, 05u–00u). De Audio Time-studie maakt het mogelijk de verdeling te identificeren tussen exclusieve radioluisteraars, exclusieve streamingluisteraars en de overlap tussen beide, wat een precieze berekening mogelijk maakt van de incremental reach van streamingplatformen ten opzichte van radio. De hier gepresenteerde resultaten zijn die op weekbasis (weekly reach).
Vul dit formulier in om het bestand te downloaden